Hans Bussmann: “Projecten waarin verschillende experts samenwerken leveren het meeste op”

maandag 16 december 2019

Dr. Hans Bussmann van Erasmus MC is een van de scientific leaders van Medical Delta eHealth & selfmanagement for a healthy society. Hij ontving afgelopen november een subsidie van bijna € 800.000,- van ZonMw, NWO en de Hartstichting voor zijn project ArmCoach4Stroke. De komende vier jaar wordt met die subsidie onderzoek gedaan naar technologie om patiënten die een beroerte hebben gehad thuis hun arm te laten gebruiken en trainen.

Hoe is dit onderzoek tot stand gekomen?

De wens voor dit onderzoek is rechtstreeks voortgekomen uit gesprekken en interviews met behandelaars en patiënten. Zo’n 40.000 mensen per jaar krijgt een hersenbloeding. Daarna volgt revalidatie, maar een grote groep blijft problemen houden met de armfunctie. Er zijn weliswaar veel meer lichaamsfuncties die ook na een revalidatietraject niet meer volledig herstellen worden, maar in het dagelijks leven wordt van een slecht functionerende arm veel hinder ervaren.

We weten dat veel bewegen en oefenen heel belangrijk is voor het herstel van de armfunctie, maar in de praktijk gebeurt dat niet. Een oorzaak is dat het veel tijd en geld kost om steeds maar weer naar de fysiotherapeut te gaan. Bovendien is er niet altijd genoeg personeel beschikbaar. Daarnaast vinden mensen het helemaal niet leuk om steeds thuis die oefeningetjes te doen. Ons doel is om een technologie te ontwikkelen die deze problemen ondervangt. Hiermee willen we patiënten stimuleren de arm meer te gebruiken en te oefenen, zonder dat dat leidt tot hogere kosten.

En hoe ziet die technologie eruit?

We ontwikkelen een set van twee ‘horloges’ die wat weg hebben van stappentellers en andere commerciële gezondheidsmeters. Ze hebben bewegingssensoren die meten hoeveel de arm gebruikt wordt en of dat voldoende is. Dat kan per patiënt worden ingesteld. De horloges geven aan wanneer de patiënt meer moet bewegen en geven een seintje als het tijd is om oefeningen te doen. Het meet ook of de oefeningen goed worden uitgevoerd. Ze zijn gekoppeld aan een tablet waarop de patiënt kan zien wat hij moet doen.
Mede doordat het apparaat feedback geeft, zijn de oefeningen uitdagend en stimulerend. Verder worden de data die de horloges verzamelen, gedeeld met de behandelaar. Die blijft daardoor op de hoogte van de vorderingen van de patiënt. Hij of zij kan de patiënt bijsturen als dat nodig is, maar ook de instellingen van het programma veranderen. De patiënt en behandelaar hebben zoveel contact als nodig is binnen en buiten de spreekkamer, maar veel minder dan nu het geval is.

In hoeverre lijkt deze innovatie op producten die al op de markt zijn?

Veel systemen die nu op de markt zijn, zijn niet gemaakt voor mensen met een beperking, maar juist voor gezonde mensen. De gebruikers houden voornamelijk voor zichzelf in de gaten of ze genoeg bewegen en goed slapen. De technologie die wij ontwikkelen, is bedoeld als onderdeel van een behandeling en richt zich specifiek op armfunctie. Het heeft dezelfde bouwstenen als de ‘lifestyle’ producten maar van daaruit krijgt het een heel ander doel.

Op zich duurt het niet heel lang om tot een eerste prototype te komen. De verdere ontwikkeling zit in het optimaliseren. Ervaringen en feedback van eindgebruikers moeten leiden tot aanpassingen, zodat het ook echt doet wat het moet doen en aansluit bij de wensen en eisen van de eindgebruikers.

De ontwikkeling van dit product past in een trend van eHealth en blended care. Hoe kijk jij naar die trend?

De zorgkosten nemen toe en er is minder personeel voorhanden. Om de gezondheidszorg duurzaam te houden, kan technologie uitkomsten bieden. Daarnaast ontstaat bij patiënten meer behoefte om zelf regie te houden.

Je kunt proberen iets te maken dat hopelijk net zo goed is als de zorg die nu onder druk staat, maar dat biedt geen meerwaarde.

Je kunt proberen iets te maken dat hopelijk net zo goed is als de zorg die nu onder druk staat, maar dat biedt geen meerwaarde. Ik wil dat we iets ontwikkelen dat de behandeling beter maakt. Dit project moet daarom niet over eigen regie of goedkopere zorg gaan, maar om de beste behandeling na een hersenbloeding.

Wat maakt dat jij zo graag tot die behandeling komt?

Ik ben altijd gefascineerd geweest door beweging, als kind al, en heb in eerste instantie fysiotherapie gestudeerd. Daar heb ik ook een tijdje in gewerkt, maar ik liep altijd tegen vragen aan over hoe het nou werkte. In een studie bewegingswetenschappen kon ik mijn nieuwsgierigheid kwijt. Daarna had ik het geluk een onderzoeksplaats te krijgen bij de revalidatieafdeling van het Erasmus MC. Ik deed daar onderzoek naar het met technologie meten van het bewegen van mensen met een chronische aandoening, wat later ook leidde tot een onderzoeksrichting. Ik blijf die nieuwsgierigheid houden en in dit project komen de kennis en de behandeling samen. Ik heb een achtergrond in de zorg. Met een project als dit kunnen we die zorg verbeteren.

Als we straks een goed werkend product hebben, kan de technologie worden aangepast aan allerlei andere vraagstukken rond bewegen. Aangeboren hersenaandoeningen en MS bijvoorbeeld. En niet alleen op armen, maar bijvoorbeeld ook bij het lopen.

Het project moet nog starten, maar helemaal in de kinderschoenen staat het niet.

Nee, dat klopt. In dit project komt een aantal andere onderzoeken en technieken samen. Er is al onderzoek geweest met bewegingssensoren en ook naar feedback van data richting de patient en behandelaar, waarbij we veel samenwerken met Rijndam Revalidatie. De innovatie is om alles bij elkaar te brengen en verschillende disciplines samen te laten werken. Ik werk bijvoorbeeld samen met dr. Valentijn Visch van de TU Delft. Wij kennen elkaar via Medical Delta en hij komt uit de designhoek. Zo iemand denkt aan heel andere dingen dan ik.

Je bent scientific leader binnen Medical Delta. Hoe verhoudt zich dat tot dit project?

In het ArmCoach4Stroke-project komen mensen bij elkaar van Erasmus MC, Rijndam Revalidatie, Amsterdam UMC, Technische Universiteit Delft en Universiteit Twente en daarnaast twee private partijen (2M Engineering en Lode –red.). Veel mensen kennen elkaar al een beetje uit eerdere projecten en vanuit Medical Delta. Doordat je elkaar vaker treft, wordt de kans alleen maar groter dat een samenwerkingsproject ook echt slaagt. Ik ben eigenlijk altijd erg samenwerkingsgericht. Kennis samenbrengen om tot meer te komen, elkaar uitdagen… Projecten waarin verschillende mensen met allemaal hun eigen expertise samenwerken, zijn het leukst en leveren uiteindelijk het meeste op. 

Cookie melding

Deze website maakt gebruik van cookies. Cookies zijn tekstbestanden die op de computer worden geplaatst wanneer websites worden bezocht. Ze worden veel gebruikt om websites efficiënt te laten werken en om informatie te verstrekken aan de eigenaren van de website. Hieronder kan aangegeven worden of u de cookies accepteert.