WorkTech project iSense: preciezere eczeemdiagnose kan werkdruk dermatologen verlagen

Een toevallige ontmoeting tussen zorgtech ondernemer Varsha Thakoersing (Imcomet) en onderzoeker dr. Alina Rwei (TU Delft – Applied Sciences) gaat mogelijk flinke impact hebben op mensen met eczeem en het werk van dermatologen. “We gaven allebei een presentatie op een bijeenkomst, het ‘Science Meets Business Café’, en dachten: ooit moeten we samenwerken.”

Een innovatie van Imcomet maakt het mogelijk om minuscuul kleine hoeveelheden lichaamsvloeistof te onttrekken van een ontstoken huid.  Het onderzoek van Rwei richt zich op de ontwikkeling van biosensoren voor realtime diagnostiek van zogeheten ‘biomarkers’. Een biomarker is een meetbaar biologisch kenmerk in het lichaam, zoals een eiwit, gen of de bloeddruk.

“Bij onze ontmoeting bleek dat wat we doen, complementair is aan elkaar,” blikt Rwei terug. “We spraken af dat als er zich een mogelijkheid voordeed, we zeker moesten kijken naar samenwerking.” Ondertussen waren beiden los van elkaar ook met de afdeling dermatologie van het Erasmus MC in gesprek.

Enige tijd later werd Rwei door de TU Delft gewezen op de mogelijkheden om vanuit het WorkTech-programma samen met de doelgroep, in dit geval dermatologen, arbeidsbesparende innovaties door te ontwikkelen. “Ik wist meteen: hier ligt een kans.” Samen met dr. Eveline de Geus (zie kader) van Erasmus MC besloten Rwei en Thakoersing een consortium op te zetten (‘I-Sense’) en een voorstel in te dienen.

Van ‘trial-and-error’ naar gepersonaliseerde eczeembehandeling

Het consortium werkt toe naar een diagnosetool voor eczeem. Deze tool moet de afhankelijkheid van de huidige 'trial-and-error'-behandelingsmethode voor atopische dermatitis, ook wel constitutioneel eczeem genoemd, verminderen en gerichtere behandelbeslissingen ondersteunen.

“Dat zit zo,” legt Thakoersing uit. “Wanneer iemand met een ernstige vorm van eczeem naar het ziekenhuis gaat, maakt de dermatoloog op basis van wat hij ziet een inschatting voor behandeling en medicatie. De medicatie wordt gaandeweg de behandeling telkens aangepast, totdat deze aanslaat.”

De best passende behandeling verschilt per patiënt en per ontsteking, waardoor zo’n trial-and-error traject tijdsintensief is en leidt tot ongemak bij de patiënt, onnodige zorgkosten en extra werkdruk bij de dermatoloog. 

Momenteel krijgen, alleen al in Nederland, zo’n 400.000 mensen een behandeling tegen eczeem. “Omdat de vraag naar deze zorg de komende jaren naar verwachting flink zal toenemen, laten prognoses zien dat het aantal dermatologen bij lange na niet toereikend zal zijn,” schetst Thakoersing. Het gevolg: nog langere wachtlijsten en ongemak voor patiënten, en een toenemende werkdruk voor dermatologen. Daar komt het labwerk bij, vertelt Rwei. “Voor preciezere diagnosestelling gaan monsters nu naar het laboratorium. Ook dat kost extra tijd en menskracht.”

I-Sense moet de trial-and-error aanpak van eczeembehandeling overbodig maken. Rwei: “Het doel is om de behandeling van eczeem sneller te personaliseren.”


In het zorginnovatieprogramma ‘WorkTech - Arbeidsbesparende innovaties voor Gezondheid, Welzijn en Zorg’ brengen Medical Delta, InnovationQuarter en ZWconnect praktijkpartners, kennisinstellingen en technologiebedrijven binnen Zuid-Holland samen rondom een centrale vraag: hoe kunnen we arbeidsbesparende en -verlichtende innovatie optimaal inzetten om met minder personeel de kwaliteit en bereikbaarheid van zorg te waarborgen? WorkTech is medegefinancierd door inzet van PPS-subsidie die door Health Holland is toegekend ter stimulering van publiek-private samenwerkingen. In 2025 zijn zes publiek-private samenwerkingsprojecten van start gegaan.


 

‘Zorg dat het binnen een kwartier kan’

Daarbij werken de ondernemer en de wetenschapper nauw samen met de dermatologen van Erasmus MC, een opdracht die ze mede vanuit het WorkTech-programma hebben meegekregen. “Zij zijn vanaf het begin bij het project betrokken, onder meer bij de vraagstelling,” zegt Rwei. “We hebben regelmatig contact en sluiten bijvoorbeeld aan bij werkoverleggen. Alles gaat in co-creatie.”

De uitdaging is om de uiteindelijke innovatie passend te maken in het bestaande werkproces. Daarbij stuitten ze al snel op een belangrijke voorwaarde: tijd. “Het doel is om direct de onderliggende immuunmechanismen te identificeren die het eczeem van een patiënt veroorzaken. Dit kan helpen in de keuze voor de juiste behandeling,” vertelt Thakoersing. 

“Wij dachten: je neemt een monster af, stuurt het naar het lab en laat de patiënt wachten, maar dat geeft allerlei praktische en logistieke bezwaren: het brengt bestaande planning en werkprocessen in de war.” De dermatologen gaven mee dat het hele proces binnen een regulier consult van 15 minuten moet passen. “De opdracht was duidelijk: zorg alsjeblieft dat het binnen een kwartier kan.”

Zoektocht naar biomarkers

Beiden gingen ermee aan de slag, telkens in nauwe afstemming met de dermatologen. Inmiddels is er een tweede prototype gemaakt van de tool die de lichaamsvloeistof bijna pijnloos moet kunnen onttrekken uit de ontstoken huid. Een prototype van het diagnoseplatform is in de maak. Ook zijn ze een aantal biomarkers op het spoor, waarvan ze hopen dat deze de juiste informatie kunnen geven. Rwei: “Dat is een zoektocht waar we nog in zitten. We komen steeds dichterbij.” De input van de dermatologen is daarin cruciaal, vertelt ze. Zij vertellen haar welke biomarkers mogelijk veel informatie bevatten, zodat ze gericht kan zoeken.  

Idealiter zou I-Sense uiteindelijk meerdere biomarkers kunnen analyseren. Daarmee ontstaat een beeld waarmee een dermatoloog een hele precieze, gepersonaliseerde diagnose kan stellen. “Maar we beginnen met één biomarker. Dat zou al een enorme stap zijn, en opent de deur naar nog meer biomarker-analyses en dus scherpere diagnoses.”

Uiteindelijk moet het innovatieproces leiden tot twee devices die op het bureau van de spreekkamer van de dermatoloog kunnen staan. “Vergelijk het met een coronatest,” zegt Thakoersing. “Wij gebruiken micronaaldjes die veel kleiner zijn dan normale naalden om het monster af te nemen, zoals het wattenstaafje van een coronatest. Dat klinkt eenvoudig, maar blijkt erg lastig en vraagt veel innovatiekracht om te ontwikkelen. Vervolgens analyseren we dat monster in een analysetool, zodat de dermatoloog binnen enkele minuten de diagnose kan stellen. En dat alles zonder gebruik van chemicaliën, zodat het in de spreekkamer uitgevoerd kan worden. Het is nog een heel proces om daar uiteindelijk te komen, maar daar werken we naartoe.”

Verschillende uitgangspunten, één doel

De samenwerking tussen Imcomet als private partij, TU Delft als wetenschappelijk instituut en Erasmus MC als wetenschappelijke én klinische partner is ingegeven door de programma-opzet van WorkTech.

“Alles wat nodig is voor een goede doorontwikkeling, zit in het consortium,” zegt Rwei. Thakoersing vult aan: “De opzet van het programma zorgt bovendien voor focus. We hebben een duidelijk einddoel voor ogen: de werklast voor dermatologen verlagen. Vanaf de start werken we nauw samen. Dat is bepalend geweest voor de stappen die we zetten.”

Zeker in het begin was dat nog wel even wennen, vertelt Rwei. “We spreken allen een andere taal en benaderen het vanuit een ander perspectief. Dat vereist flexibiliteit, je openstellen voor andere invalshoeken. Varsha is vaak degene die ons wijst op de gezamenlijke doelen en belangen, dat brengt ons verder.”

De benadering van de doelstelling is veelzijdig, vertellen beiden. Imcomet kijkt bijvoorbeeld naar de schaalbaarheid en commerciële kansen. Voor de TU Delft is ook de wetenschappelijke impact van de zoektocht naar een geschikte biomarker interessant, net als het maken van een snelle en goed functionerende analysemethode een mooie uitdaging is. Rwei: “Het ontwikkelen van zo’n diagnoseplatform is echt een ingenieursvraagstuk.”

“Maar uiteindelijk is het met name de maatschappelijke impact die ons allen persoonlijk drijft,” zegt Thakoersing. “Hoe mooi is het als we hiermee behandelaars en patiënten zouden kunnen helpen? Daar doen we het voor.”


Dermatologen Erasmus MC onderzoeken en innoveren mee

Dr. Eveline de Geus is postdoctoraal onderzoeker bij de afdeling Dermatologie van het Erasmus MC. Ze is vanuit haar afdeling vanaf de start betrokken bij het iSense project.

Hoe kan deze innovatie het werk van dermatologen vergemakkelijken?

“Op zich kunnen dermatologen heel goed met klinisch onderzoek atopische eczeem diagnosticeren. Dit gebeurt voornamelijk op zicht. Als er onzekerheid is, kan er een biopt worden afgenomen, wat geanalyseerd wordt in het lab. Eczeem komt echter in verschillende gradaties voor, van mild tot ernstig en omdat de onderliggende afweerreacties variëren, is het lastig om de juiste behandeling te kiezen.

Met de innovatie van iSense zouden dermatologen veel sneller zekerheid krijgen over het type ontsteking en eerder de juiste behandeling kunnen voorschrijven. Dat zou ook betekenen dat patiënten minder vaak naar de kliniek hoeven en sneller een goede behandeling krijgen.

We proberen het proces van sampling en diagnose binnen de 15 minuten van een standaard consult te brengen. Een voordeel daarbij is dat het monster dan niet ook nog eens naar een diagnostiekafdeling hoeft om geanalyseerd te worden en pas een aantal dagen later terugkomt. Als het lukt, gaat het op meerdere vlakken tijd schelen voor patiënten en dermatologen.”

Welke input leveren jullie vanuit de afdeling dermatologie, en hoe wordt dat meegenomen in het innovatietraject?

“We overleggen regelmatig. Vanuit onze afdeling helpen we onder andere mee te zoeken naar de juiste biomarker: welke stoffen van het afweersysteem zijn voor ons interessant om te meten? Maar ook: wat verwachten wij te kunnen meten? Aan de andere kant weet Alina welke stoffen er gemeten kunnen worden, zodat de wensen en de mogelijkheden steeds nader tot elkaar komen.

Varsha ontwikkelt de samplingtechniek en stemt dat ook af met ons: wij testen of het afnemen van de vloeistof zuiver gaat, of dat er andere stoffen meekomen die zorgen dat de analyse minder goed werkt. Dat koppelen we terug, en zo proberen we tot een optimaal systeem te komen. We werken goed samen, en leren van elkaar. Ik leer bijvoorbeeld veel van wat er bij het uiteindelijke productieproces komt kijken.

Voor het afnemen van huidmonsters is het belangrijk om de beleving van patiënten mee te nemen. Een bepaalde meetmethodiek kan goed werken, maar ook pijnlijk zijn voor patiënten. Dat belang geven wij vanuit onze afdeling mee. Zodra we de stap maken naar klinisch onderzoek, gaan we daar zeker ook patiënten bij betrekken. Immers: een innovatie kan nog zo goed werken, het moet uiteindelijk wel gebruikt worden.”


Tekst: Sietse Pots
Foto's: Ilya van Marle - De Lichtjagers

Cookie melding

Deze website maakt gebruik van cookies. Cookies zijn tekstbestanden die op de computer worden geplaatst wanneer websites worden bezocht. Ze worden veel gebruikt om websites efficiënt te laten werken en om informatie te verstrekken aan de eigenaren van de website. Hieronder kan aangegeven worden of u de cookies accepteert.